Geboren in De Pinte op 1 januari 1926 als zoon van Armand Lampens, schrijnwerker, en Anna Van Bellegem. De ambachtelijke achtergrond van zijn vader zou later doorwerken in zijn aandacht voor hout en detaillering. Had aanvankelijk interesse in schilderkunst, maar koos op aandringen van zijn vader voor een opleiding architectuur.
Middelbaar onderwijs in architecturaal tekenen en hogere studies architectuur aan het Hoger Architectuurinstituut Sint-Lucas in Gent onder leiding van broeder Urbain (ir.-arch. Louis Van Mechelen). De opleiding was traditioneel en neogotisch georiënteerd, met nadruk op vrij tekenen en kennis van historische bouwstijlen. Geleidelijk groeide binnen de school de belangstelling voor hedendaagse architectuur, en in de latere jaren introduceerde Broeder Urbain de studenten in het werk van Le Corbusier en Mies van der Rohe, wat blijvende invloed zou hebben op Lampens. Lampens werd gerekend tot de beste ontwerpers van zijn lichting en behaalde zijn diploma met onderscheiding in 1950.
Start zijn eigen architectenpraktijk in Eke (Nazareth). In deze beginjaren ontwerpt hij vooral regionaal geïnspireerde woningen en dokterswoningen in baksteen, met traditionele dakvormen en sobere detaillering. In 1952 werden vier van zijn ontwerpen, drie woonhuizen en een winkelpand, opgenomen in een tentoonstelling van oud-studenten van Sint-Lucas in het Museum voor Sierkunst in Gent, en het daaropvolgende jaar gepubliceerd in Schets (Vol. 5, nr. 6, 1953). Een van de gepubliceerde dokterswoningen is het Huis Vermaerke (1953, Eke).
Een van de gepubliceerde dokterswoningen is het Huis Vermaerke (1953, Eke)
Pogingen om modernere ontwerpen te realiseren werden in die periode nog met onbegrip onthaald, maar het Huis Cooreman (1958, De Pinte) vormt een eerste stap richting een meer eigentijdse vormentaal.
Trouwt met Diana Van Hove Lampens. Ze krijgen samen drie kinderen, Wouter, Dieter en Peter.
Bezoekt Expo 58 in Brussel. De paviljoenen van Sverre Fehn, Kunio Maekawa en het Philips-paviljoen van Le Corbusier vormen een keerpunt in zijn denken over architectuur. Besluit daarop zijn eigen woning te ontwerpen, waarmee hij de stap naar modern bouwen zet.
Bouw van het eigen woonhuis en bureau Huis Lampens–Van Hove in Eke (Nazareth). Het bureau is afzonderlijk van het huis gelegen, maar maakt deel uit van hetzelfde ontwerp. Dit project markeert de overgang naar een modernistische vormentaal met open plattegrond waarin wonen en werken samenvloeien.
Ontwerp (wedstrijd 1961) en realisatie (1964–1966) van de Onze-Lieve-Vrouw van Kerselare-bedevaartkapel in Edelare (Oudenaarde), in samenwerking met zijn voormalige leraar Rutger Langaskens. De kapel vervangt een gotisch bedevaartsoord dat in 1961 door brand werd verwoest.
Lampens diende aanvankelijk een traditioneel ontwerp in, maar ontwikkelde nadien een nieuw plan in gewapend beton en glas, dat uitgroeide tot een icoon van de moderne religieuze architectuur in Vlaanderen.( Het ontwerp verwijst subtiel naar de lokale legende van de krokodil, die verbonden is met de oorsprong van de bedevaart.
Realisatie van het Huis Vandenhaute–Kiebooms in Huise (Zingem). Woning voor een gezin van zes, opgebouwd uit beton en glas, vierkant van 14 × 14 meter, gesloten aan de noordzijde en open naar de tuin. Het huis ligt verdiept in het landschap en wordt via een helling bereikt. Binnen definiëren betonnen cilindervormen voor badkamer, toilet en trap de verschillende zones zonder binnenmuren. Het project geldt als het meest radicale voorbeeld van Lampens’ open woonconcept, waarin wonen en slapen samenkomen binnen één doorlopend volume.
Ontwerp van het driehoekige houten krukje, oorspronkelijk gemaakt voor de bibliotheek van Eke. Lampens gebruikt het vanaf 1970 als alomtegenwoordig meubel in zijn projecten. Het functioneert als zitelement, papiermand of bijzettafeltje, en bestaat ook in grotere formaten die dienstdoen als tafel of bureaumeubel. De bovenkant is schuin afgesneden om het gemakkelijker te kunnen vastnemen.
Ontwerp en bouw van de Openbare Bibliotheek van Eke (Nazareth) in opdracht van de vzw Vereniging der Parochiale Werken. De voorzijde in ruw zichtbeton, geometrisch opgedeeld in driehoeken en vierkanten, creëert een overgangszone tussen straat en interieur. Achter dit volume ligt een lager bouwdeel met daklichten die het interieur verlichten. De bibliotheek bevindt zich op het gelijkvloers, met bovenaan een archiefruimte, enkel bereikbaar via een buitentrap. Binnen zijn betonblokken, hout en licht de bepalende elementen. Het gebouw vertaalt de principes van de open woning naar een publiek programma. Lampens ontwierp ook het volledige meubilair in hout, als vast onderdeel van het totaalconcept. De bibliotheek werd geopend in januari 1972.
Docent aan het Hoger Architectuurinstituut Sint-Lucas in Gent en werkt als workshopmaster. Hij beïnvloedt generaties studenten met zijn directe, ambachtelijke aanpak en zijn overtuiging dat architectuur zowel gevoelsmatig als rationeel moet zijn (“gevoelsmatige rationaliteit”). Hoewel Lampens doorgaans weinig reisde, onderneemt hij in deze periode uitzonderlijk enkele buitenlandse studiereizen met zijn studenten, onder meer naar de kapel van Ronchamp van Le Corbusier en naar Venetië.
Bouw van het Huis Van Wassenhove in Sint-Martens-Latem. Ontworpen voor een alleenstaande bewoner en volledig uitgevoerd in beton. De woning combineert geometrische en organische vormen en is deels ingegraven in het terrein, met niveaus die de topografie volgen. Binnen vloeien leefruimtes, keuken en slaapgedeelte in elkaar; licht valt binnen via grote glaspartijen, een daklicht en een verticale lichtstrook. Het huis werd in 2012 door Albert Van Wassenhove nagelaten aan de Universiteit Gent, die het in langdurige erfpacht gaf aan Museum Dhondt-Dhaenens.
Wint de architectuurwedstrijd voor het nieuwe Stadhuis van Lokeren, maar het project wordt nooit uitgevoerd.
Nationaal Boerenkrijgmuseum, Overmere – Donk (Berlare)
Wint de wedstrijd voor het Kunstinstituut Sint-Lucas Gent, eveneens niet gerealiseerd wegens hoge bouwkosten.
Hoogleraar Hoger Architectuurinstituut Sint-Lucas Gent
Eerste monografie en retrospectieve tentoonstelling in deSingel, Antwerpen. Publicatie van het boek Juliaan Lampens met een overzicht van zeventien gerealiseerde en niet-gerealiseerde projecten.
Ontvangt de Grote Architectuurprijs van België. (Euro-Belgian Architectural Awards 1995 )
De bovenverdieping van de voormalige bibliotheek van Eke wordt gebruikt door de vzw Juliaan Lampens voor het onderbrengen van het archief. In 2014 sluit de bibliotheek definitief.
Tentoonstelling over het werk van Juliaan Lampens in de Witte Zaal (Sint-Lucas, Gent), die een hernieuwde belangstelling voor zijn oeuvre op gang brengt.
Eerste Engelstalige monografie Juliaan Lampens verschijnt bij ASA Publishers (Brussel), onder redactie van Angelique Campens. In hetzelfde jaar verschijnen ook de eerste internationale artikels over zijn werk, waaronder “Juliaan Lampens: A Fundamentalist Vision of Living” van Angelique Campens in DOMUS (nr. 937) en een bijdrage van Joseph Grima in 10×10 / 3 – 100 Architects / 10 Critics (Phaidon Press). Deze publicaties markeren het begin van de internationale erkenning van Lampens’ oeuvre, dat tot dan toe voornamelijk in Nederlandstalige bronnen was verschenen.
Publicatie van de Japanse monografie Juliaan Lampens (A+U Publishing, Tokio), onder redactie van Nobuyuki Yoshida. De uitgave bevestigt de internationale waardering voor Lampens’ werk.
Eind 2015 wordt de bibliotheek openbaar verkocht en komt ze in privébezit.
Na de sluiting van de bibliotheek in 2014 werd het gebouw eind 2015 verkocht, maar het stond jarenlang leeg. De groeiende (inter)nationale waardering voor Lampens’ werk leidde op 11 september 2017 tot de bescherming als monument (Ministerieel Besluit van 11 september 2017).
Juliaan Lampens overlijdt op 6 november 2019 in Eke.
De bibliotheek wordt in erfpacht gegeven aan het lokaal bestuur van Nazareth, voor een periode van 25 jaar, met de bedoeling het gebouw te herbestemmen tot een centrum voor kunst en architectuur.
In 2025 kreeg het ook de status ‘Open Erfgoed in Ontwikkeling’: een label dat niet alleen de erfgoedwaarde bevestigt, maar ook een stimulerend kader biedt voor herbestemming en publiekswerking.
De bibliotheek blijft een centraal referentiepunt binnen het oeuvre van Lampens en vormt de kern van nieuwe initiatieven rond architectuur en publieke ruimte in de Cultuurregio Leie Schelde. Eind 2026 start de restauratie naar de oorspronkelijke staat van 1970. Voor deze opdracht werd Callebaut Architecten aangesteld, een bureau met langdurige ervaring in restauratie van historisch erfgoed. Callebaut Architecten begeleidt het project met grote zorg voor authenticiteit en toekomstbestendigheid. De bibliotheek van Eke vraagt geen vernieuwing door toevoeging, maar door zorg. Restaureren betekent hier: het oorspronkelijk idee terug scherpstellen van Julien Lampens – het licht, de proporties, het gedeeld perspectief. Door terug te keren naar wat dit gebouw was, kan het opnieuw worden wat het altijd bedoeld is: een publieke kamer voor het dorp, open voor denken, ontmoeten en verbeelden. Niet als erfgoed dat stilstaat, maar als ruimte die blijft bewegen. Hierdoor begint het gebouw aan een nieuw hoofdstuk: van stille leesplek naar een centrum voor kunst, architectuur en ontmoeting.
Op 1 januari zou Juliaan Lampens, geboren in De Pinte en zijn hele leven woonachtig in Eke, 100 zijn geworden. Naar aanleiding van dit jubileum en de restauratie van Bibliotheek Lampens lanceert de gemeente Nazareth-De Pinte een onlinebibliotheek, een tentoonstelling en een podcast rond het gebouw en zijn context. Met bijkomende publieksactiviteiten brengen we zijn vernieuwende architectuur en blijvende invloed opnieuw tot leven.